Informatie

 - 

Scholieren


Scholieren werken mee aan een milieubewuste toekomst! 

Het is nooit te vroeg om van jongs af aan iedereen bewust te maken van de problemen die wij met zijn allen veroorzaken. Op school aanleren hoe we spaarzaam moeten omspringen met grondstoffen en de afvalberg zo klein mogelijk kunnen houden, daar heeft niemand iets op tegen.

Soriva krijgt veel vragen van scholen en scholieren over afval en het recyclen van afval. Daarnaast hebben we de meest gestelde vragen al zo goed mogelijk voor je proberen te beantwoorden. Altijd handig voor een spreekbeurt of werkstuk op school! Deze vragen met antwoorden vind je hieronder. Daarnaast hebben we enkele fun games om al spelenderwijs meer te weten te komen over afval en recycling. 

Meest gestelde vragen

1. Wat is afval?
Dat is geen gemakkelijke vraag. Wat voor de een afval is, is voor de ander een grondstof. Wat afval is, hangt vooral af van wat degene die stoffen in handen heeft, ermee wil doen. Wil hij ze kwijt (weggooien), dan is meestal sprake van een afvalstof. Voorbeelden zijn groente-, fruit- en tuinafval (gft-afval), lege verpakkingen (bijvoorbeeld glazen potjes en kunststof flessen), bouw- en sloopafval of autowrakken.
Volgens Van Dale is afval alles 'dat na een bewerking als nutteloze rest overblijft.' Eigenlijk is die definitie niet helemaal juist. Afval is namelijk niet altijd een nutteloze rest. In tegendeel zelfs, in Nederland wordt bijna 80% van het afval nuttig toegepast. Slechts een klein deel van het afval wordt echt weggegooid of vernietigd.

2. Hoeveel afval ontstaat er jaarlijks?
Nederland 'produceerde' in 2002 ongeveer 58 miljard kilo afval. Dat is genoeg om ruim 30 Amsterdam ArenA's tot de nok toe te vullen. Veel afval komt vrij bij de industrie en bij het bouwen en slopen van woningen en andere gebouwen. Elke Nederlander gooit jaarlijks gemiddeld zo'n 500 kilo huishoudelijk afval weg.
De hoeveelheid afval wordt meestal in tonnen (1 ton is 1.000 kilo) uitgedrukt. In 2002 werd dus 58 miljoen ton afval weggegooid. Naar verwachting wordt in 2012 ongeveer 66 miljoen ton afval afgedankt.

3. Wat gebeurt er met al het afval?
Slechts een klein deel van het afval wordt echt weggegooid of vernietigd. Zo'n 78% wordt nuttig toegepast. Zo wordt van het gft-afval compost gemaakt, van lege verpakkingen worden nieuwe vervaardigd, bouw- en sloopafval wordt hergebruikt als funderingsmateriaal en materialen uit autowrakken en wasmachines worden in nieuwe producten gebruikt.
Afval dat niet nuttig kan worden toegepast, maar wel brandbaar is, wordt in speciale afvalverbrandingsinstallaties (AVI's) verbrand. Bijvoorbeeld het huishoudelijk restafval (huishoudelijk afval zonder onder meer gft, papier en glas). Verbranden levert energie op en het as (verbrandingsresten) wordt bijna volledig toegepast in grond-, weg- en waterbouwprojecten.
Afval dat niet nuttig kan worden toegepast en ook niet brandbaar is, wordt op de stortplaats gestort.

4. Wat is de voorkeursvolgorde?
Dat is de volgorde voor afvalbeheer. Op de eerste plaats staat preventie, op de laatste plaats storten. De voorkeursvolgorde is het uitgangspunt van het afvalbeleid. Hij is ook wel bekend als de 'Ladder van Lansink', genoemd naar het voormalige Tweede Kamerlid Lansink.
1. preventie (voorkom het ontstaan van afval)
2. preventie (ontwerp producten met het oog op afvalpreventie en nuttige toepassing)
3. nuttig toepassen door producthergebruik; 
4. nuttig toepassen door materiaalhergebruik; 
5. nuttig toepassen als brandstof; 
6. verwijderen: verbranden 
7. verwijderen: storten

5. Wat is afvalpreventie?
Afvalpreventie is het voorkomen of beperken van het ontstaan van afval. Of, meer ambtelijk, 'het voorkomen dan wel het beperken van afval door intern hergebruik of door reductie aan de bron.'
Afvalpreventie voorkomt dat onnodig veel grondstoffen verloren gaan bij de winning van grondstoffen, in productieprocessen en bij het gebruik of verbruik van producten door bedrijven of consumenten. Dit wordt 'kwantitatieve preventie' genoemd, omdat het hier gaat om kilo's of tonnen. Afvalpreventie heeft ook een kwalitatieve kant. Daarbij gaat het om het voorkomen of beperken van het gebruik van gevaarlijke stoffen in producten. Daardoor komen minder gevaarlijke stoffen in het milieu terecht.

6. Wat is 'nuttige toepassing'?
Dat is het nuttig toepassen of hergebruik van afval. Op dit moment wordt zo'n 78% van het Nederlands afval nuttig toegepast. Er zijn drie soorten 'nuttige toepassing'. Dat zijn, in volgorde van belangrijkheid:
-producthergebruik
Een afvalstof wordt hergebruikt voor het oorspronkelijk doel. Dit wordt bijvoorbeeld bereikt met een inzamelingssysteem met statiegeld waarbij ingeleverde lege flessen opnieuw worden gevuld.
-materiaalhergebruik
Een afvalstof wordt opnieuw gebruikt, maar voor een andere toepassing. Zo wordt metaal uit autowrakken of wasmachines gesmolten en hergebruikt in andere producten. Van gft-afval wordt compost gemaakt voor bodemverbetering.
-gebruik als brandstof
Afval wordt als brandstof gebruikt om elektriciteit op te wekken of voor stadsverwarming. Hierdoor is minder gas, olie of steenkool nodig voor de energieopwekking. Het afval vervangt hierbij dus fossiele brandstoffen  en draagt bij aan het klimaatbeleid.

7. Wat houdt verwijderen in?
Afval dat niet nuttig kan worden toegepast, moet worden verwijderd: het wordt verbrand in speciale afvalverbrandingsinstallaties (AVI's) of gestort op de stortplaats. Hoewel bij de verbranding in AVI's energie wordt gewonnen, valt het niet onder 'nuttige toepassing'. AVI's zijn speciaal gebouwd om afval te verbranden en hebben, in tegenstelling tot energiecentrales, niet als doel energie te winnen. Afval dat wordt verbrand in een energiecentrale valt wel onder nuttige toepassing.

8. Wat is afvalbeheer?
Afvalbeheer omvat alle handelingen die met afval worden uitgevoerd. Afval wordt ingezameld, vervoerd en verwerkt. Bij verwerking worden de afvalstoffen gemengd, gescheiden, gebroken, gesorteerd, gezuiverd of bijvoorbeeld gedestilleerd. Vervolgens krijgt afval zijn uiteindelijke 'bestemming'. Die varieert van grondstof in een nieuw materiaal of product tot een afvalverbrandingsinstallatie (AVI) of een stortplaats. VROM is verantwoordelijk voor het beleid en de meeste regels voor afvalbeheer.

Vragen recycling

9. Wat is recycling?
Recycling betekent hergebruik. Bij recycling gaat het om het terugwinnen en opnieuw voor gebruik geschikt maken van grondstoffen uit afval. Om recycling mogelijk te maken wordt veel afval apart ingezameld: van groente- fruit- en tuinafval (gft-afval) en glas tot bouw- en sloopafval en wit- en bruingoed. Niet elke afvalstof die wordt hergebruikt, wordt ook apart ingezameld. Zo worden bijvoorbeeld conserven- en drankblikjes pas tijdens de afvalverwerking (zogenaamde nascheiding) uit het huishoudelijk afval verwijderd.
Er zijn twee soorten hergebruik: producthergebruik en materiaalhergebruik. In het eerste geval wordt het product bij hergebruik voor hetzelfde doel gebruikt als daarvoor. Een voorbeeld is afgedankte kleding dat als tweedehands kleding wordt gebruikt. Bij materiaalhergebruik wordt het product voor iets anders gebruikt als waarvoor het oorspronkelijk was gemaakt. Zo worden van zink uit oude batterijen bijvoorbeeld dakgoten gemaakt en van het staal van (verf)blikken spijkers en staaldraad.

10. Waar is recycling eigenlijk goed voor?
Recycling heeft verschillende voordelen. Het bespaart bijvoorbeeld grondstoffen. Zo wordt bij de productie van glas gemiddeld 50% oud glas gebruikt en 50% nieuwe grondstoffen (zand, kalk en soda). Recycling bespaart ook energie. Voor de winning van grondstoffen en de productie van nieuwe materialen is meestal veel meer energie nodig dan voor hergebruik van oude materialen. Het duidelijkste voorbeeld is wel de productie van aluminium: voor de productie van nieuw aluminium is 20 keer zoveel energie nodig als voor het omsmelten van oud aluminium. Terwijl de kwaliteit vrijwel gelijk is.
Bovendien komen door recycling veel minder schadelijke stoffen - metalen uit batterijen en bijvoorbeeld cfk's uit koelkasten - in het milieu terecht. En wordt veel minder afval op de vuilnisbelt gestort of in verbrandingsovens verbrand.
Afvalscheiding scheelt de burger ook in de portemonnee. Elke kilo afval die níet in de verbrandingsoven verdwijnt, bespaart 9 eurocent. Dat komt tot uiting in de hoogte van de afvalstoffenheffing die burgers betalen. De gemeente berekent de kosten van de afvalverwijdering volledig door aan alle huishoudens.

11. Wat is het overheidsbeleid voor recycling?
De overheid stimuleert het hergebruik van afvalstoffen. Een aantal afvalstoffen moet daarom apart worden ingezameld. De overheidsdoelstellingen voor hergebruik staan in hoofdstuk 14 van het landelijk afvalbeheerplan, de doelstellingen voor inzamelen in hoofdstuk 15 van hetzelfde plan. VROM is verantwoordelijk voor het afvalbeleid en de regelgeving daarvoor. De gemeenten zijn verantwoordelijk voor het inzamelen van afval uit huishoudens. Voor gescheiden inzameling van bedrijfsafval zijn meestal regels opgenomen in de milieuvergunning.
Daarnaast heeft de overheid met het bedrijfsleven afspraken gemaakt over recycling. Zo staat in het convenant verpakkingen hoeveel verpakkingsglas en -blik moet worden gerecycled.

12. Waarvoor zijn gemeenten verantwoordelijk?
Gemeenten organiseren en betalen de inzameling van huishoudelijk afval. Dat is geregeld in de provinciale milieuverordeningen. Gemeenten kunnen zelf bepalen hoe ze de inzameling regelen. Ze kunnen bijvoorbeeld gft huis-aan-huis ophalen, voor flessen en potjes glasbakken plaatsen en de inzameling van oud papier aan sportverenigingen en kerkelijke of maatschappelijke organisaties overdragen.
Gemeenten zijn verplicht gft, textiel, papier en karton, glas, wit- en bruingoed en klein chemisch afval van huishoudens apart in te zamelen. Wel kunnen ze, bijvoorbeeld voor de gescheiden inzameling van gft, bepaalde delen van hun grondgebied uitsluiten. Gemeenten kunnen echter ook besluiten nog ander afval gescheiden in te zamelen.
Gemeenten zijn ook vrij in de manier waarop ze de afvalinzameling financieren. In veel gemeenten gebeurt dit door middel van een afvalstoffenheffing per huishouden. Sommige gemeenten ontzien hierbij hun minder draagkrachtige burgers. Een aantal gemeenten betaalt de kosten voor afvalinzameling uit de onroerendezaakbelasting. In een klein aantal gemeenten - met name plattelandsgemeenten - wordt het zogeheten diftarsysteem toegepast. Hierbij is de afvalstoffenheffing afhankelijk van de hoeveelheid restafval (het afval dat niet gescheiden hoeft te worden) en gft-afval die huishoudens afgegeven. Hoe minder restafval wordt ingeleverd, hoe lager de heffing.
Het Afval overlegorgaan (AOO), een samenwerkingsverband van rijk, provincies en gemeenten op het gebied van afval, heeft een stimuleringsprogramma voor afvalscheiding en afvalpreventie van huishoudelijk afval (STAP). Het programma helpt gemeenten om met concrete projecten het huishoudelijk restafval en zwerfafval te verminderen en de afvalinzameling te verbeteren.

13. Hoe is de gescheiden inzameling van bedrijfsafval geregeld?
Bedrijfsafval is al het afval dat afkomstig is van kantoren, winkels, diensten en industrie. Deze bedrijven zijn zelf verantwoordelijk voor het scheiden en afvoeren van hun afvalstoffen. De verplichting daartoe kan in de milieuvergunning staan. Sommige bedrijven moeten op grond van de Wet milieubeheer (Wm) zo'n milieuvergunning hebben. De meeste bedrijven vallen echter onder de algemene regels van de zogenaamde 8.40 AMvB's, algemene maatregelen van bestuur die zijn gebaseerd op artikel 8.4 van de Wet milieubeheer. Voor bedrijven die vallen onder de 8.40 AMvB's vloeit de verplichting uit de AMvB voort.
Uitgangspunt is dat bedrijven verplicht zijn alle afvalstoffen te scheiden, gescheiden te houden en gescheiden af te geven. Tenzij dat redelijkerwijs niet van hen kan worden verwacht. Alleen gevaarlijk afval, asbest, papier en karton en wit- en bruingoed moeten bedrijven altijd gescheiden inzamelen. Voor andere afvalstoffen geeft het LAP aan wanneer gescheiden inzameling redelijkerwijs mag worden verwacht. Zo hoeven plastic bekertjes alleen gescheiden te worden ingezameld als er minstens zo'n 500 stuks per week worden weggegooid.

Heb je nog steeds vragen over recyclen of afval voor bijvoorbeeld een werkstuk of spreekbeurt? Stuur dan een mail naar info@sortiva.com en we proberen je vraag zo snel mogelijk te beantwoorden.


Fun Games

Zo! Nu weet je bijna alles over afval en het recylen van afval. Tijd om je kennis in de praktijk te brengen door het spelen van enkele fun games. Test hieronder je kennis door het spelen van de sorteerkampioen, afvalwerpen en recyclemania. 

Speel hier de Sorteerkampioen
Er komt van alles voorbij, van batterij tot bananenschil. Nu komt het er echt op aan: jouw snelheid en behendigheid bepalen de score in dit sorteerspel.

Speel hier Afvalwerpen
Doorzoek het huis als een ware afvalrechercheur en pak her en der spullen die weggegooid of hergebruikt kunnen worden. Gooi vervolgens de spullen naar de juiste plaats.

Speel hier Recyclemania
Er zijn heel veel producten die gemaakt worden van afval. Maar waar kun je een colablikje of een luier nu nog voor gebruiken? En wat zit er in een fleecetrui of een pot pindakaas? Denk niet te lang na, want de tijd tikt door.